 |
Herbert Mouwen en De handen van de tijd
De dichter van de simpele dingen verleidt zijn lezer met speels taalgebruik,
met woorden die als een fuga dansen, springen en om hun as wentelen.
Maar in die speelsheid klinken naast vrolijkheid van verbazing en verliefdheid
ook de donkere tonen van thema’s als aftakeling, verlating en dood.
Herbert Mouwen is een dichter die de emoties van zijn lezers kan bespelen,
omdat hij de gevoelens van zichzelf goed kent en omdat hij die op beklemmende
wijze en onontkoombaar kan verwoorden.
Jan Smeets
Herbert
Mouwen (Breda, 1952) woont in Etten-Leur en debuteerde in 1991 met de
dichtbundel De zon is kapot. De bundel bevat twintig gedichten
over kindertekeningen, natuurbeleving, toekomst en
vergankelijkheid. In september 2000 won hij de Johan Diepstraten Prijs
van dagblad BN/De Stem met zijn verhalenbundel Het verleden lijkt een
ver land (Eindhoven 2002). De verhalen gaan over zijn jeugd in Breda
tussen de Pools-Nederlandse families, zijn kostschooltijd
in Oudenbosch en
Roosendaal en een reis naar Warschau. In 2009 verscheen de
verhalenbundel De donderdagen (Soest, 2009). De bundel bevat vijf
verhalen en de novelle De man met het lakmoesgezicht.
Herbert Mouwen
publiceerde gedichten en verhalen in (digitale) literaire
tijdschriften, zoals Naar morgen, Dimensie, Brabant Literair,
Balustrade, Het prieeltje, De gekooide roos en Meander. Hij werkte mee
aan Beeld/Verhaal, een dubbel avontuur (Tilburg 1999), een
samenwerkingsproject van fotografen en dichters. Hij schreef gedichten
over de rivier de Mark voor de bundels Markdal en Plein-Air (Chaam
2010), Ode aan de Mark (Chaam 2012) en Rijm op de keien. Gedichten over
Breda
(Breda 2015). Tevens
maakte hij gedichten over Vincent van Gogh voor de dichtbundels kraaien
verjagen. over vincent (Eindhoven 2003) en Omtrent Vincent (Chaam
2015). Zijn ‘stenen’ bijdrage aan Poosplaatsen (Breda 2004,
2009) is te zien en te lezen op de Aesvoortsedijk in Riel.
|